Achter de schermen bij de BVD: het leven van Ad de Jonge
Boeken & Films Conflict en Fragiele Staten

Achter de schermen bij de BVD: het leven van Ad de Jonge

17 Feb 2021 - 16:32
Photo: Pixabay.
Terug naar archief
Author(s):

In Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD tekent Ben de Jong het levensverhaal op van Ad de Jonge, een belangrijk figuur in de geschiedenis van de Nederlandse Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD). Het boek is deels memoires en biografie, en deels aanvulling op de geschiedschrijving van de Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten die nog altijd voortbouwen op de methodieken uit de tijd van Ad de Jonge.

Jonkheer W.A.H. (Ad) de Jonge werkte van 1952 tot 1979 bij de Nederlandse BVDHij was een typisch voorbeeld van tal van BVD-medewerkers in de eerste jaren na de oorlog, die tijdens de bezetting met groot persoonlijk risico hadden deelgenomen aan het verzet.

Voor hen was de strijd tegen het communisme tijdens de Koude Oorlog een directe voortzetting van hun eerdere activiteiten. Verschillende van hen klommen tijdens de Koude Oorlog op tot prominente posities bij de BVD.

De auteur bespreekt onder meer gedetailleerd hoe de BVD agenten rekruteerde binnen de CPN en de gelieerde mantelorganisaties

Zo ook Ad de Jonge, die zich bij het wetenschappelijk bureau van de Partij van de Arbeid (PvdA) had verdiept in de infiltratietechnieken van de Communistische Partij Nederland (CPN) en bij de BVD opklom tot hoofd van Afdeling B, die zich richtte op de CPN en de daarmee verbonden mantelorganisaties.1

Het boek is gebaseerd op uitgebreide, op band opgenomen interviews met Ad de Jonge die plaatsvonden tussen 1997 en 2001. Ook heeft de auteur archiefmateriaal en interviews met oud-collega's gebruikt. Uitspraken van Ad de Jonge worden uitvoerig becommentarieerd en nader toegelicht.

De auteur had met Ad de Jonge afgesproken dat hij pas iets met de opnames zou doen in de vorm van een publicatie als De Jonge er niet meer zou zijn. Hij had er geen behoefte aan de toorn van de BVD of een eventuele opvolger over zich af te roepen voor het geval zijn herinneringen bij zijn leven zouden worden gepubliceerd.

Het kantoor van de AIVD in Zoetermeer, 2009. © S.J. De Waard / Wikimedia Commons.
Het kantoor van de AIVD in Zoetermeer, 2009. © S.J. De Waard / Wikimedia Commons.

Het boek is uiteindelijk als manuscript aan de huidige Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) ter inzage voorgelegd, wat resulteerde in een vijftal voorstellen tot verandering waarmee de auteur heeft ingestemd.2

Blik achter de schermen
De auteur bespreekt onder meer gedetailleerd hoe de BVD agenten rekruteerde binnen de CPN en gelieerde mantelorganisaties. Ook komt aan bod hoe de BVD operaties van de geheime dienst (KGB) en militaire inlichtingendienst (GROe) van de Sovjet-Unie op Nederlands grondgebied dwarsboomde, als ook die van de legendarische Oost-Duitse buitenlandse inlichtingendienst Hauptverwaltung A (HVA).3

Daarnaast gaat hij in op de werkwijze van de BVD ten aanzien van individuen en organisaties uit het Oostblok die werden beschouwd als gevaar voor de nationale veiligheid. Zo luisterde de BVD telefoons af en plaatste – zo nodig in het geheim – microfoons in privéwoningen en ambassadegebouwen.4

De BVD werkte met opbouw- en draaiagenten. De opbouwagenten waren van origine geen communisten, maar deden zich na rekrutering door de BVD als zodanig voor in een poging vervolgens carrière te maken binnen de CPN of een mantelorganisatie.

De BVD had een bijzondere positie in het Nederlandse politieke bestel tijdens de Koude Oorlog

Draaiagenten waren op het moment dat zij door de BVD werden benaderd al als communist actief en waren bijvoorbeeld uit rancune jegens CPN-leider Paul de Groot bereid voor de BVD te gaan werken. De BVD had op een gegeven moment 179 van deze agenten binnen de CPN en 99 binnen mantelorganisaties in dienst.5

Partijvoorzitter Henk Hoekstra (links) en erevoorzitter Paul de Groot tijdens een congres van de Communistische Partij Nederland (CPN) in de RAI te Amsterdam, 1975. © Wikimedia Commons.
Partijvoorzitter Henk Hoekstra (links) en erevoorzitter Paul de Groot tijdens een congres van de Communistische Partij Nederland (CPN) in de RAI te Amsterdam, 1975. © Wikimedia Commons. 

Blik op het buitenland
De BVD had een bijzondere positie in het Nederlandse politieke bestel tijdens de Koude Oorlog. De dienst was zoals de naam al aangeeft een veiligheidsdienst, dat wil zeggen een dienst die zich primair bezighoudt met dreigingen die zich op het eigen nationale territorium voordoen.

Maar het onderscheid met een inlichtingendienst is niet altijd zo haarscherp. Zo hield de BVD er vanaf 1964 een Staf Buitenlandse Politiek (SBP) op na. Deze SBP was een beetje een vreemde eend in de bijt, want officieel had de BVD geen taak in het buitenland. De kerntaak van de SBP was het “bestuderen van internationale verschijnselen en ontwikkelingen die een bedreiging vormen voor de democratische rechtsorde, dan wel de veiligheid of andere gewichtige belangen van de Staat.”6

De SBP ontplooide nadrukkelijk geen informatie-vergarende activiteiten in het buitenland, maar verwerkte gegevens uit open bronnen en afkomstig van buitenlandse diensten. Analyses van de SBP stonden – ook in het buitenland – in hoog aanzien door hun kwaliteit.7 Ad de Jonge kwam bij de oprichting in mei 1964 aan het hoofd te staan van de SBP.

KGB soldaten op het Rode Plein Moskou, 1972. De parade werd gehouden ter herdenking van de Oktoberrevolutie in 1917. © Russian International News Agency / Wikimedia Commons.
KGB-soldaten op het Rode Plein in Moskou in 1972. De parade werd gehouden ter herdenking van de Oktoberrevolutie in 1917. © Russian International News Agency / Wikimedia Commons. 

Contact met de inlichtingen- en veiligheidsdiensten van bondgenoten uit de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) vond plaats bij de periodieke bijeenkomsten van het Special Committee op het NAVO-hoofdkwartier in Brussel.8 Ad de Jonge vertelt in dat kader de smakelijke anekdote van een Fransman die bijzonder populair was omdat hij zo goedkoop goede paté kon leveren.

Die paté werd hem geleverd door de Roemenen die hem als agent hadden gerekruteerd en die er een goed middel in zagen waarmee hij zich bij zijn NAVO-collega’s en superieuren geliefd kon maken. Hij werkte zich op deze wijze uiteindelijk op tot hoofd van de vertalers en heeft in die hoedanigheid alle verslagen van het Special Committee gekopieerd en aan de Roemenen geleverd.9

Samenwerken met de CIA
De BVD werkte tijdens de Koude Oorlog intensief samen met buitenlandse diensten en wisselde daar veel informatie mee uit. Hierbij waren de contacten met diensten van onze buurlanden en belangrijke lidstaten van de NAVO van speciaal belang. Deze vorm van intelligence liaison en de uitwisseling van informatie die in het kader daarvan plaatsvindt, is voor inlichtingen- en veiligheidsdiensten van groot belang.10

Ad de Jonge had ook internationaal een reputatie als inlichtingenanalist, met name bij de CIA

Geen enkele dienst is in staat om op alle terreinen en locaties op eigen gelegenheid de vereiste inlichtingen te verkrijgen. Belangrijke diensten, zoals de Britse Military Intelligence, Section 6 (MI6) en Duitse Bundesnachrichtendienst (BND), stationeerden voor het onderhouden van deze relatie tijdens de Koude Oorlog één of meer medewerkers op hun ambassades in Den Haag.11

De buitenlandse dienst waarmee de BVD tijdens de Koude Oorlog het meest intensief samenwerkte, was de Amerikaanse Central Intelligence Agency (CIA). In die samenwerking speelde het CIA-station een belangrijke rol, dat was ondergebracht bij de Amerikaanse ambassade in Den Haag en onder leiding stond van de Chief of Station (CoS).12

Zo verleende de CIA onder meer financiële steun aan de BVD en nam bijvoorbeeld begin jaren zestig ongeveer tien procent van het personeelsbudget van de dienst voor zijn rekening. De BVD deelde op zijn beurt de producten van de afluisteroperaties bij de vertegenwoordigingen van het Oostblok in Den Haag met de CIA. De technische middelen voor die operaties werden door de Amerikanen beschikbaar gesteld.13

MI6 hoofdkwartier in Londen. © It's No Game / SIS.
MI6-hoofdkwartier in Londen. © It's No Game / SIS. 

Topanalisten onder elkaar
Ad de Jonge had ook internationaal een reputatie als inlichtingenanalist, met name bij de CIA. Zo omschreven CIA-medewerkers hem als “the brains of the BVD” en “by far the most intellectual in the BVD”.14 De Jonge werd door de Amerikanen onder meer de voorspelling van de Chinese culturele revolutie toegedicht.15

Regelmatig stuurde het CIA-hoofdkwartier analisten naar de Amerikaanse ambassade in Den Haag voor gesprekken met Ad de Jonge. Ook hooggeplaatste CIA-medewerkers onderhielden contact met hem, onder wie het analytische zwaargewicht van de CIA, Sherman Kent.

Kent, voormalig geschiedenisprofessor aan de Yale-universiteit, is de geestelijke vader van de National Intelligence Estimates zoals die nog altijd door de Amerikaanse inlichtingengemeenschap worden opgesteld. Tijdens een bezoek aan het hoofdkwartier van de CIA in 1966 ontving De Jonge van Kent een exemplaar van diens klassieke werk Strategic Intelligence for American World Policy, met voorin een persoonlijke auteursopdracht.16

De eigen opleidingsschool voor inlichtingenanalisten van de CIA is genoemd naar deze Sherman Kent die pionier was op het gebied van methoden voor inlichtingenanalyse. De school werd geopend in 2000 en doet dienst als onderdeel van de universiteit van de CIA. De aangeboden cursussen omvatten vreemde talen, regionale studies, analyse van satellietbeelden, analyse van afgeluisterde berichten en analyse van mediarapporten.17

In november 2012 werd in Nederland het enigszins vergelijkbare Ad de Jonge Centrum voor Inlichtingen- en Veiligheidsstudies van de Universiteit van Amsterdam geopend. Dit inmiddels in het Institute of Security and Global Affairs (ISGA) van de Universiteit Leiden opgenomen centrum reflecteerde op de diensten en hun context in de samenleving. Daarnaast wilde het een bijdrage leveren aan de professionalisering van analyses door op academisch niveau methoden en vaardigheden te doceren.

De vernoeming van het centrum naar Ad de Jonge was in het licht van het bovenstaande bijzonder toepasselijk. Het toenmalige hoofd van de AIVD, Rob Bertholee, gaf bij de opening aan dat de huidige AIVD nog steeds voortbouwt op de methodieken uit de tijd van Ad de Jonge.18

Ben de Jong - Op de bres voor de rechtsstaat. Ben de Jong

Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002

Uitgegeven door Panchaud

552 pagina’s, €28,90.

  • 1. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020.
  • 2. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, blz. 11-12.
  • 3. Zie hierover ook Dick Engelen, Frontdienst: De BVD in de Koude Oorlog, Den Haag: Uitgeverij Boom, 2007, blz. 207-236; 237-276.
  • 4. Deze microfoon- en telefoonacties werden destijds bij de BVD in de wandeling M- en T-acties genoemd. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, Bijlage V ‘Overzicht van M- en T-acties’, blz. 533.
  • 5. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, blz. 323.
  • 6. Frans Kluiters, De Nederlandse inlichtingen- en veiligheidsdiensten, Den Haag: SDU Uitgevers, 1993, blz. 35.
  • 7. Eleni Braat, Van oude jongens, de dingen die voorbij gaan… Een sociale geschiedenis van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, 1945-1998, Zoetermeer: Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, 2012, blz. 114.
  • 8. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, blz. 426-440.
  • 9. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, blz. 439.
  • 10. Bob de Graaff en Cees Wiebes, Villa Maarheeze: de geschiedenis van de Inlichtingendienst Buitenland, Den Haag: Sdu Uitgevers, 1998, blz. 319-342.
  • 11. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, blz. 415-426.
  • 12. Zie ook Constant Hijzen & Cees Wiebes, ‘Wederzijdse waardering en vriendschap: de Amerikaans-Nederlandse intelligence liaison in de jaren zestig en zeventig’, in: Duco Hellema & Giles Scott-Smith (red.), De Amerikaanse ambassade in Den Haag: een blik achter de schermen van de Amerikaans-Nederlandse betrekkingen, Amsterdam: Boom, 2016, blz. 88-102.
  • 13. Zie ook Cees Wiebes, Samen met de CIA: operaties achter het IJzeren Gordijn, Amsterdam: Boom, 2016, blz. 246-325.
  • 14. Constant Hijzen, Vijandbeelden: de veiligheidsdiensten en de democratie, 1912-1992, Amsterdam: Boom, 2016, blz. 142.
  • 15. Bob de Graaff & Cees Wiebes, Villa Maarheeze: de geschiedenis van de Inlichtingendienst Buitenland, Den Haag: Sdu Uitgevers, 1998, blz. 330-331.
  • 16. Ben de Jong, Op de bres voor de rechtsstaat in het Verzet en bij de BVD: Ad de Jonge, 1919-2002, Amsterdam: Panchaud, 2020, blz. 395-412.
  • 17. Stephen Marrin, ‘CIA’s Kent School: Improving Training for New Analysts’, International Journal of Intelligence and Counterintelligence, jrg. 16, nr. 4, 2003, blz. 609-637.
  • 18. ‘Rob Bertholee bij opening Ad de Jonge centrum UvA’

Auteurs

Danny Pronk
Senior research fellow bij Instituut Clingendael