Russische inlichtingendiensten worden steeds agressiever
Russische inlichtingendiensten treden steeds agressiever op in West-Europa. Hoewel liquidaties van overlopers, spionage en de verspreiding van desinformatie tijdens de Koude Oorlog ook al systematisch voorkwamen, gaan de huidige praktijken veel verder. Rusland probeert met dergelijke operaties westerse maatschappijen en de steun voor Oekraïne sinds 2022 te ondermijnen. Het Westen worstelt met een effectief antwoord.
Moskou is voor Amerikaanse diplomaten doorgaans geen welkome standplaats. Dat komt niet zozeer door de Russische taal met haar vreemde Cyrillische letters, maar door systematische intimidatie van de zijde van de plaatselijke overheid, in het bijzonder de Russische Federale Veiligheidsdienst (FSB). Zij doen hun uiterste best om het leven van Amerikaanse en ook andere westerse diplomaten in de hoofdstad zo onaangenaam mogelijk te maken.
Wat er nu gebeurt, is dus eigenlijk niet zo bijzonder
Zo worden gesprekken via onbeveiligde telefoons standaard afgeluisterd (iets wat westerse veiligheidsdiensten overigens ook zo veel mogelijk bij Russisch ambassadepersoneel doen). Op de ambassade moet volop rekening worden gehouden met de aanwezigheid van afluisterapparatuur, die door het talrijke Russische personeel dat er werkt kan worden aangebracht.
Ook buiten de ambassademuren wordt diplomatiek personeel vaak hinderlijk gevolgd. Zo maken ‘onbekenden’, uiteraard in opdracht van de FSB, op opdringerige wijze foto’s op straat. En Amerikanen die buiten het ambassadeterrein wonen, lopen grote kans dat in hun appartement wordt ingebroken zonder dat iets wordt gestolen. Soms worden zelfs huisdieren vergiftigd.
Net als in de Koude Oorlog
Een dergelijke behandeling van westerse diplomaten in Moskou was ook tijdens de Koude Oorlog gebruikelijk. Wat er nu gebeurt, is dus eigenlijk niet zo bijzonder.
Wat eveneens als ‘normaal’ kan worden beschouwd, zijn de talloze liquidaties in westerse landen van overlopers uit kringen van de staatsveiligheid, grofweg sinds het begin van Vladimir Poetins presidentschap in 2000. De identiteit van daders en opdrachtgevers kan uiteraard niet in alle gevallen worden vastgesteld. Russische activisten in het buitenland en andere ‘verraders’ lopen ook een risico; het is van Poetin bekend dat hij een obsessie heeft met mensen die hij als verraders ziet.
Ook de systematische verspreiding van antiwesterse desinformatie door Moskou was ten tijde van de Koude Oorlog al een alledaags verschijnsel. Tegenwoordig gebeurt dat laatste natuurlijk vooral langs digitale weg.
Recent werd opnieuw duidelijk hoezeer de Russische overheid de genoemde continuïteit propageert
Er is sprake van een duidelijke historische continuïteit tussen de inlichtingen- en veiligheidsdiensten van de Sovjet-Unie uit de tijd van de Koude Oorlog en die van het Rusland van Poetin.
Zo werd al onder president Boris Jeltsin in het midden van de jaren negentig 20 december uitgeroepen tot ‘Dag van de medewerkers van staatsveiligheid’.
Recent werd opnieuw duidelijk hoezeer de Russische overheid de genoemde continuïteit propageert. Sergej Narysjkin, directeur van Ruslands buitenlandse inlichtingendienst SVR, heeft voorgesteld om in de buurt van Jasenevo, de wijk in Moskou waar het hoofdkwartier van zijn dienst is gevestigd, ongeveer twaalf straten te vernoemen naar illustere figuren uit de geschiedenis van de KGB en zijn voorgangers. Kennelijk is er al een plein vernoemd naar Kim Philby, een Sovjetagent die op een sleutelpositie in het Britse establishment werkte en Moskou decennialang van geheime informatie voorzag, totdat hij in 1963 naar de Sovjet-Unie vluchtte na zijn ontmaskering.
Ook ligt er het plan om een straat te vernoemen naar Pavel Soedoplatov. Deze officier van Jozef Stalins geheime dienst NKVD leidde vanuit Moskou de operatie die in 1940 uitmondde in de moord op Lev Trotski in Mexico. Eerder al had hij zijn naam gevestigd door in mei 1938 persoonlijk de leider van de Organisatie van Oekraïense Nationalisten (OOeN), Jevhen Konovalets, te liquideren met een bom op de Coolsingel in Rotterdam.
Tot zover de continuïteit
In de afgelopen tijd heeft zich echter een belangrijke verandering voorgedaan. Vooral sinds het begin van de Russische invasie van Oekraïne in februari 2022 hebben Russische diensten tal van activiteiten ontplooid – met name in West-Europa – die duidelijk verder gaan dan de oude praktijk.
Zo is er een reeks opvallende aanslagen met brandbommen geweest, gericht op distributiecentra in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. Hierbij ging in juli van dit jaar een pakket in vlammen op in vestigingen van het transportbedrijf DHL in Birmingham en Leipzig. Vooral het incident in Birmingham, waarbij het om een pakket ging dat waarschijnlijk per vliegtuig was aangevoerd, had mogelijk ernstige gevolgen kunnen hebben als de explosie in de lucht had plaatsgevonden.
Deze werkwijze heeft het grote voordeel dat de Russische overheid haar betrokkenheid immers gemakkelijk kan ontkennen
Ook in Polen en Spanje zijn gevallen van brandstichting geweest. Net als in Birmingham en Leipzig wordt hierbij de hand van Moskou vermoed, al zijn concrete aanwijzingen niet altijd voorhanden.
In een aantal gevallen zijn wel verdachten gearresteerd. Zo werd afgelopen april bekend dat in het Duitse Bayreuth twee personen waren opgepakt die in opdracht van een Russische dienst plannen hadden om Duitse en Amerikaanse militaire installaties en bedrijven te saboteren die betrokken waren bij de productie van wapens voor Oekraïne. De hoofdverdachte was Dieter S., een Duitser van Russische komaf die van 2014 tot 2016 in Oost-Oekraïne aan Russische zijde had meegevochten en blijkbaar contact onderhield met een Russische inlichtingenofficier. Zijn medearrestant was ook een Duitser van Russische origine.
Voorgaande opsomming is een willekeurige selectie; er zijn veel meer incidenten geweest de laatste tijd die richting Moskou wijzen. Een naam die in dit verband vaak opduikt, is Eenheid 29155 van de GROe, die verantwoordelijk was voor onder meer de moordaanslag op Sergej Skripal en zijn dochter.
Het meest saillante voorbeeld van de toegenomen agressiviteit van Russische diensten is wellicht de beoogde aanslag op Armin Papperger, de CEO van Rheinmetall. Dit Duitse defensiebedrijf is een belangrijke leverancier van wapens aan Oekraïne. Duitse instanties maakten afgelopen juli bekend dat een aanslag op Papperger, door Moskou beraamd, was verijdeld. Een moordaanslag door de KGB of de GROe op een coryfee uit het westerse bedrijfsleven kwam tijdens de Koude Oorlog niet voor. Pappergers beveiliging is inmiddels drastisch opgevoerd door de overheid.
Europese veiligheidsfunctionarissen verklaarden tegenover Der Spiegel dat Rusland voor dit soort operaties veelal ‘low-level agents’ inhuurt. Het weekblad gebruikt daarvoor de term ‘Wegwerf-Agente’. Dit zijn vaak amateurs of kleine criminelen die bijvoorbeeld via sociale media als Telegram worden benaderd en voor weinig geld opdrachten uitvoeren. Dit kan variëren van het kalken van graffiti en het traceren van wapentransporten richting Oekraïne tot brandstichting aan toe. Een moordaanslag behoort kennelijk zelfs ook tot de mogelijkheden.
In tegenstelling tot Russisch inlichtingenpersoneel, waarvan er begin 2022 enkele honderden uit westerse landen zijn uitgewezen, zijn deze personen vaak niet goed getraind. Hoewel daders dan ook regelmatig tegen de lamp lopen door klungelig uitgevoerde acties, neemt Moskou dit blijkbaar op de koop toe.
De westerse reactie
Naast de activiteiten van Russische diensten als de FSB en de GROe is de recente stationering van Noord-Koreaanse militairen aan de frontlijn in Oekraïne de zoveelste stap omhoog op de escalatieladder. Wat kunnen westerse overheden doen tegen deze toenemende agressiviteit en roekeloosheid van Moskou? De opties lijken zeer beperkt.
Het uitwijzen van Russisch inlichtingenpersoneel dat op ambassades en consulaten is gestationeerd heeft geen zin meer. Dat is kort na het begin van de oorlog al op grote schaal gedaan en biedt weinig verdere mogelijkheden.
Vanuit de op zich begrijpelijke wens een rechtstreekse en mogelijk nucleaire confrontatie met Rusland ten koste van alles te vermijden, heeft de NAVO onder leiding van president Joe Bidens regering sinds begin 2022 sowieso zeer omzichtig geopereerd. Rusland bombardeert al geruime tijd systematisch civiele doelen in Oekraïne zoals ziekenhuizen, energiecentrales en woongebieden. Daarnaast dreigen Poetin en zijn medestanders regelmatig met het gebruik van nucleaire wapens. Intussen werden verzoeken van Kyiv om nieuwe wapenleveringen meestal pas na lang aarzelen door westerse regeringen ingewilligd.
Het lijkt uitgesloten dat de VS of andere NAVO-lidstaten het voorbeeld van Moskou zullen volgen door aanslagen op Russisch grondgebied te plegen. Een optreden van NAVO-eenheden op Oekraïens grondgebied is ongetwijfeld ook niet aan de orde, zelfs niet nu er Noord-Koreanen op het strijdtoneel zijn verschenen. Het Kremlin heeft de oorlog herhaaldelijk straffeloos weten te escaleren en het Westen staat er betrekkelijk machteloos bij: een voorbeeld van nucleaire afschrikking als een ‘one-way street’.
Alle reden voor Poetin om de nabije toekomst wat betreft Oekraïne optimistisch tegemoet te zien
Moskou weet zich daarnaast gesteund door de sterke ‘Putinfreundliche’ stromingen die actief zijn in West-Europa. Die zullen naar verwachting proberen een krachtig westers beleid betreffende Oekraïne zoveel mogelijk te dwarsbomen. Onderdelen van het Russische overheidsapparaat zullen ongetwijfeld ook hun uiterste best doen met de geijkte methodes de uitslag van de Duitse parlementsverkiezingen van februari 2025 te beïnvloeden – op een manier die gunstig is voor de Alternative für Deutschland (AfD).
De recente herverkiezing van Donald Trump is voor het Kremlin een andere welkome ontwikkeling, alleen al vanwege de chaos en turbulentie die hij ongetwijfeld in de Amerikaanse politiek teweeg zal brengen. Hoe het beleid van Trump ten aanzien van Oekraïne eruit zal zien is op dit moment nog onduidelijk, maar het is veelzeggend dat hij Poetin kort na de aanval op Oekraïne een “genie” noemde. Alle reden dus voor de Russische president om de nabije toekomst wat betreft Oekraïne optimistisch tegemoet te zien, ondanks zijn – ook voor Rusland – desastreuze beslissing om begin 2022 de aanval te openen.
0 Reacties
Reactie toevoegen