Artikelen Toekomst-verkenningen

De verdwaalde geest van ’89

15 Aug 2017 - 16:49
Photo: Pixabay
Terug naar archief

De geschiedenis gaat niet lineair, maar in schokgolven, en soms regressief. Democratie en haar basisprincipes staan overal in Europa opnieuw onder druk. Is de geest van ’89 verdwaald geraakt? Hoe kan de democratie gereanimeerd worden?

Het wonderjaar 1989 bracht een golf van transformatie in Centraal- en Oost-Europa, in het kielzog van de aanstelling van Gorbatsjov als secretaris-generaal van de opperste Sovjet. Relatieve economische achteruitgang, politieke stagnatie en een perspectief op politieke vrijheid deden het communistische kaartenhuis imploderen onder zijn eigen inconsistenties. Hongarije, Polen en de DDR liepen voorop in die omwentelingen. De implosie van de Sovjetunie in december 1991 versnelde dat proces. Het leek alsof de wereld verenigd zou worden onder de liberale democratie met de Verenigde Staten van Amerika als onbetwiste leider en garantiemacht. Net zoals de latere president Thomas Jefferson als Amerikaans ambassadeur in Frankrijk in 1789 een cruciale rol speelde in het ondersteunen van de Franse revolutie, zo ook speelden de Verenigde Staten in 1989 een belangrijke rol als lichtend voorbeeld.

Nochtans hadden de Centraal- en Oost-Europese volkeren zichzelf bevrijd, en was de bijdrage van Washington eerder politiek van aard. Democratie is evenwel meer dan de helft van de stemmen plus één. De democratische rechtsstaat vergt checks and balances tussen de meerderheid en minderheidsgroepen van allerlei allooi. Het vereist bovenal een strikte scheiding der machten. Het zijn vooral deze laatste elementen die onder druk kwamen.

De Verenigde Staten in identiteitscrisis….
Flash forward 28 jaar later beklijft een totaal ander beeld. Washington, lang de baken van de democratie, beleeft heden zelf een identiteitscrisis. De verkiezing van Donald Trump als Amerikaans president betekent dat de democratische checks and balances als nooit voorheen getest worden. Diep politiek verdeeld kunnen de Verenigde Staten niet langer hun traditionele rol van democratisch baken spelen. De sociale media werden ondertussen steeds belangrijker als forum waar mensen hun informatie over politiek halen. Maar de algoritmes zijn ondertussen zo sterk dat het ‘echokamers’ zijn geworden; wat je ziet en hoort is vooral jezelf en ‘je eigen gelijk’. Er dreigt daardoor steeds minder een gedeelde ‘res publica’ te ontstaan in de States. Een politieke synthese kan daardoor steeds moeilijker gemaakt worden. Het verhakkelde en gepolitiseerde Amerikaanse medialandschap helpt ook al niet.

….en ook geen echt verenigd Europa meer
In Europa staan we nog maar aan het begin van die evolutie, maar ook hier vertonen landen als Nederland, Frankrijk, Hongarije en Polen groeperingen die zich buiten het bestaande politieke veld plaatsen. Een sterk verdeeld politiek landschap dat er stilaan niet meer in slaagt maatschappelijk en economisch écht te verenigen, vormt daarbij een graadmeter.

Er dreigt steeds minder een gedeelde ‘res publica’ te ontstaan in de Verenigde Staten

De mondialisering en vrijmaking van de wereldhandel die ons welvaart bracht na 1989 was onvolkomen. De sociale dimensie van de mondialisering kwam nooit echt van de grond, ondanks pogingen in de schoot van de Internationale Arbeidsorganisatie. De Europese Unie werd vooral een vrije markt, geen sociale unie. De creative destruction die eigen is aan het kapitalisme tezamen met een versnelde automatisering leidde tot een structurele uitstoot van arbeid, in het bijzonder van lager en minder specifiek geschoolden. Dat proces zal in de komende jaren nog versnellen door nieuwe vormen van automatisering en robotisering.

De creative destruction die eigen is aan het kapitalisme tezamen met een versnelde automatisering leidde tot een structurele uitstoot van arbeid. Bron: Wikicommons
De creative destruction die eigen is aan het kapitalisme tezamen met een versnelde automatisering leidde tot een structurele uitstoot van arbeid. Bron: Wikicommons

Het is hier waar populistische partijen op teren. In 1989 zorgden technologische transformaties in West-Europa tot productiviteitsgroei, en versnelden ze de druk op de communistische regimes tot meer openheid. Vandaag lijkt paradoxaal een omgekeerde ontwikkeling aan de gang, waarbij macro-economische productiviteitsgroei en toekomstige robotisering tot economische en maatschappelijke uitstoot leiden. Een potentiële economische onderklasse kiest daarom vaker voor populistische partijen ‘buiten het systeem’.

Het Brexit-referendum in het Verenigd Koninkrijk zou ook vanuit dit prisma bekeken kunnen worden. Een vooral oudere generatie die niet meer mee is met de globalisering stemde uit protest voor ‘brexit’ ‘to take back control’. Eigenaardig genoeg bestendigen ze juist een omgekeerde trend, die alleen maar tot nog meer ‘kwaadheid’ kan leiden – een geschenk voor populisten. Brexit is dus mogelijk een epifenomeen van een meer diepgaande trend. De democratie zal zichzelf in West-Europa moeten heruitvinden om uit deze impasse te geraken.

Zorgwekkende situatie in Centraal-Europa….
De situatie in sommige Centraal-Europese landen is evenwel nog het meest zorgwekkend. Het Poolse parlement, de Sejm, stemde eind juli 2017 voor een geheel van wetgeving waarbij de rechters in het hooggerechtshof worden vervangen en er ook een ‘strafkamer’ komt die dient om rechters die ‘slechte’ vonnissen vellen te straffen. De scheiding der machten dreigt de facto te worden opgeheven in Polen.

De Poolse president Duda weigerde nadien de omstreden wetgeving te ondertekenen. Toch hield Duda de deur op een kier om de leden van de Raad voor de Rechtspraak voortaan niet langer te benoemen via een onafhankelijke commissie, maar door de regering-Kaczyński met steun van het parlement. In plaats van een meerderheid van 50 procent stelt Duda nu een meerderheid van 60% voor. Premier Jarosław Kaczyński moet dan op zoek naar partners buiten zijn eigen regering. De zaak komt in het najaar terug voor het parlement. In Hongarije frustreren mediawetten en een recente wet op het onderwijs de vrije toegang tot een meer liberaler gedachtengoed. Beide landen genoten wel jarenlang van structuurfondsen om hun economie te moderniseren, waardoor ‘Brussel’ nu voor een fundamenteel politiek vraagstuk staat hoe hier structureel mee om te gaan.

Roemenië lijdt dan weer onder structurele corruptie, maar onderging het laatste jaar een soort tweede democratische revolutie door aangehouden massabetogingen die het nepotisme willen aanvechten. Ook Bulgarije kent soortgelijke problemen.

….en in Turkije
In Turkije is de democratie nagenoeg afgeschaft. De couppoging van 15 juli 2016 leidde tot grootscheepse en ongeziene zuiveringen in het ambtelijke, politionele, rechterlijke en militaire apparaat. De diepe politieke tweedeling in Turkije moet door de nieuwe president Erdoğan gecompenseerd worden door een steeds scherpere noodretoriek teneinde de nationale eenheid te behouden, maar ook hier is een tegenbeweging in de maak, met massale optochten.

Polen en Turkije baren vandaag nog het meeste zorgen. Hun democratische terugval zou kunnen uitmonden in een autoritaire machtsconsolidatie, waarna deze landen wellicht via een geostrategische machtspolitiek zullen willen compenseren. Angst voor externe bedreigingen vormt hierbij een instrument om de bevolking op te zwepen. In Turkije is dit proces al volop aan de gang. Europa’s oude demonen keren zo terug, met alle gevolgen van dien.

De democratie bevindt zich vandaag wellicht in haar grootste crisis sinds 1989. Merkwaardig genoeg is het eengemaakte Duitsland ditmaal één van de weinige bakens van stabiliteit, al veroorzaakte Berlijn zelf ook democratische disruptie in Zuid-Europa door haar hardnekkige en stugge boekhoudersmentaliteit in de Eurocrisis. Een democratie die niet gekoesterd en vernieuwd wordt, die er niet in slaagt om economisch, sociaal en maatschappelijk mensen te verenigen, zal snel decimeren. De maatschappelijke, technologische en geopolitieke schokken die Europa heden ondergaat, maken onze democratieën fragiel.

Bezoekers bij een afbeelding van Lech Wałęsa in het European Solidarity Centre in Gdańsk. Bron: PetrOlly / Flickr
Bezoekers bij een afbeelding van Lech Wałęsa in het European Solidarity Centre in Gdańsk. Bron: PetrOlly / Flickr

Nieuwe taak voor EU’s ‘founding fathers’
De originele zes oprichters van de Europese integratie na 1950 (de Benelux-landen, Duitsland, Frankrijk en Italië) moeten daarom een voluntaristische politiek voeren, een politiek van hoop. Een politiek weg van een technocratische benadering van vraagstukken, een terugkeer naar ideeën van democratische basisprincipes van betrokkenheid en engagement. Een dergelijke buitenlandse politiek moet democratische tegenbewegingen ondersteunen en koesteren daar waar de basisbeginselen van de democratie onder druk staan. Vergelijk met de periode in de jaren ’80 van de vorige eeuw, toen West-Europa politieke steun gaf aan de Solidarność-beweging van Lech Wałęsa.

Een democratie die niet gekoesterd en vernieuwd wordt, die er niet in slaagt om economisch, sociaal en maatschappelijk mensen te verenigen, zal snel decimeren

Opvallend genoeg is het thans juist Wałęsa zelf die opnieuw op de barricades springt in een tegenreactie op de Poolse nationalistische regering van premier Jarosław Kaczyński. In een toespraak voor demonstranten in zijn woonplaats Gdansk stelde Wałęsa recent dat de scheiding der machten één van de belangrijkste verworvenheden van de Solidarność-beweging was. Hij spoorde Polen aan “alle middelen” te gebruiken “om te heroveren wat we voor jullie hebben bereikt”. De inzet kon niet hoger zijn.

Indien de ontwikkelingen in Centraal- en Oost-Europa en aan de zuidoostelijke flank van de Unie aan hun lot worden overgelaten, zou het democratisch experiment van 1989 wel eens kunnen imploderen. Dat zou overigens niet de eerste keer zijn. Sommige van deze landen ondergingen ook al eens een regressie in de jaren ’30 van de vorige eeuw. Tegelijkertijd zal de democratie in West-Europa een hernieuwing moeten ondergaan om in het licht van de nieuwe maatschappelijke, technologische en geopolitieke uitdagingen tot een nieuwe synthese te komen, om zo de res publica te vernieuwen.

Vanuit geopolitiek oogpunt is er ditmaal evenwel een belangrijk verschil. Deze keer kan voorlopig niet meer gerekend worden op de Anglo-Amerikaanse machten om de basisbeginselen van de democratie mee te verdedigen. We vallen bijgevolg terug op die landen waar de Verlichting ooit ontstond en tot bloei kwam om de verdwaalde geest van ’89 opnieuw zijn weg te laten vinden – meteen een hernieuwde missie voor het buitenlands beleid van de Lage Landen.

David Criekemans doceert buitenlands beleid aan de Universiteit Antwerpen, internationale politiek en veiligheid aan het University College Roosevelt in Middelburg en geopolitiek aan het Geneva Institute of Geopolitical Studies.

 

Auteurs

David Criekemans
Professor of International Relations at the University of Antwerp, International Politics and Security at the University College Roosevelt