Terug naar archief
De wereld door de ogen van ons team van spectators

Hoe de zuurstof uit samenlevingen verdwijnt

01 Nov 2017 - 11:14

Sommige ontwikkelingen voltrekken zich sluipenderwijs, waardoor het effect pas voelbaar wordt als het te laat is. De aanval op het maatschappelijk middenveld zou er zomaar een kunnen zijn: Steeds meer regeringen voeren wetgeving in om kritische non-gouvernementele organisaties (NGO’s) aan banden te leggen en maken een dagtaak van het intimideren, strafrechtelijk vervolgen, langdurig opsluiten en zelfs doden van mensenrechtenverdedigers. Het is een trend die langzaam maar zeker de zuurstof uit samenlevingen trekt, met alle gevolgen van dien.

De voortdurende dreiging die van deze praktijken uit gaat, was vorige week haast voelbaar tijdens de conferentie van Front Line Defenders1 in Dublin. Ruim honderd mensenrechtenverdedigers bespraken in de Ierse hoofdstad hoe zij ondanks alle tegenkrachten hun werk op een effectieve manier kunnen voortzetten. Moderne technologieën bieden daarbij kansen, maar vormen ook nieuwe uitdagingen. Zo vroeg een advocate uit de Malediven aan een vertegenwoordiger van Twitter of het bedrijf dreigtweets kon stoppen. Haar collega was na herhaalde bedreigingen via dit medium vermoord, zo lichtte ze toe. De reactie van Twitter: bedreigingen zijn niet toegestaan, maar wij kunnen er ook niets aan doen dat mensen het platform misbruiken.

Het is opvallend hoe regeringen repressieve wetten en tactieken van elkaar overnemen.2 Mensenrechtenverdedigers, onder wie milieuactivisten en verdedigers van vrouwen-, arbeids- en LHBTI-rechten van Egypte en Oezbekistan3 tot Malawi en Vietnam spraken van een toenemende controle door overheden op hun activiteiten (vaak via NGO-wetgeving). Daarnaast worden ze geconfronteerd met zorgvuldig opgebouwde lastercampagnes in de media, met surveillance rond de klok en inbraken in hun computers, waarna de gestolen informatie tegen hen gebruikt werd in onnavolgbare rechtszaken.

Het deed me denken aan de absurde aanklachten4 tegen de voorzitter en de directeur van Amnesty International in Turkije, die, samen met negen andere vreedzame activisten, van “lidmaatschap van een terroristische organisatie” beschuldigd worden. Van dergelijke processen gaat een zwaar intimiderend effect uit.

Criminalisering en administratieve pesterijen houden veel activisten effectief van hun werk. Nog erger is het gesteld met landrechten- en milieuactivisten. Liefst 158 van hen zijn dit jaar al vermoord5 nadat zij protesteerden tegen grootschalige land- en mijnbouwprojecten of ontbossing op hun grondgebied. Het is een fel en ongelijk gevecht van inheemse gemeenschappen en activisten tegen overheden die grote bedrijven alle ruimte geven. Een gevaarlijke strijd ook: “Je verliest je leven of je verliest je land,” zo zei een Zuid-Afrikaanse verdediger van landrechten daarover.

Het is niet toevallig dat sommige overheden zich ongemakkelijk voelden bij het delen van deze verhalen en discussies over best practices. Onder meer China, Saoedi-Arabië, Syrië, Bangladesh, Oekraïne, Colombia, Bahrein en Bolivia verhinderden het vertrek van activisten naar Dublin. De aanwezigheid van een aantal Speciale VN-rapporteurs en Stavros Lambrinidis, de Speciale Vertegenwoordiger voor de Mensenrechten van de EU, had daar waarschijnlijk wel iets mee te maken. Zij kennen de trend. Zij weten hoe belangrijk mensenrechtenverdedigers zijn voor een goed functionerende samenleving en voor duurzame ontwikkeling. De vraag is of EU-lidstaten de urgentie zien en bereid zijn zich hard te maken voor deze groep. De tijd dringt, want steeds meer landen gaan ‘op slot’. Het open houden van het maatschappelijk middenveld zou ook voor Nederland een prioriteit moeten zijn.

Auteurs

Nicole Sprokel
Senior Political Affairs Officer at Amnesty International