Terug naar archief
De wereld door de ogen van ons team van spectators

We moeten Hongarije laten zien waar Europa voor staat

22 May 2018 - 13:42

Het is Victor Orbán gelukt: de Open Society Foundation (OSF) van zijn landgenoot George Soros vertrekt uit Boedapest. De organisatie verhuist naar Berlijn vanwege het ‘toenemend repressieve politieke en juridische klimaat in Hongarije’. Het is hét bewijs dat pesten helpt, mits onbeschaamd en langdurig volgehouden.

De beslissing volgt op een lange, onfrisse lastercampagne tegen de organisatie, die kant noch wal raakte, maar wel effectief was. De regering investeerde miljoenen euro’s 1 in bizarre boodschappen op billboards, tv-spotjes en advertenties, waarbij Soros als een bedreiging voor het land werd neergezet.

Hij zou Hongarije willen openstellen voor een niet-aflatende stroom migranten, het land willen islamiseren en zo van plan zijn een schimmige, buitenlandse agenda door te voeren. Zo maakte Orbán een gevreesde buitenstaander van de filantroop die via zijn organisatie in meer dan 100 landen democratie, de rechtsstaat en een bloeiende civil society bevordert.

De bangmakerij leverde Orbán groot politiek gewin op tijdens de laatste verkiezingen. Als het volmaakte spiegelbeeld van Soros is Orbán juist bezig de rechtsstaat te ontmantelen, de persvrijheid in te perken en het maatschappelijk middenveld aan banden te leggen. Met de ‘Stop Soros-wet’ die binnenkort door het nieuwe parlement dreigt te worden aangenomen, wordt niet alleen OSF vleugellam gemaakt, maar alle onafhankelijke NGO’s die opkomen voor de rechten van gemarginaliseerde groepen, zoals migranten en vluchtelingen. Zo zal ook het functioneren van het Hongaarse Helsinki Comité en Amnesty International steeds moeizamer worden, en hun voortbestaan onzeker.

Orbán ontmantelt de rechtsstaat, perkt de persvrijheid in en legt het maatschappelijk middenveld aan banden

Medewerkers staan onder grote druk, vooral sinds het aan regeringspartij Fidesz gelieerde weekblad Figyelo een lijst publiceerde van de ‘huurlingen van Soros’, waarop ook hun namen genoemd worden. Zij zouden de regering omver willen werpen en duizenden ‘illegale migranten’ het land in willen brengen. Sindsdien krijgt Amnesty-directeur Julia Ivan elke dag tientallen haatberichten: “Hongaren schelden me aan de telefoon uit voor het vuil van de straat, eisen dat we ons burgerschap opgeven en het land worden uitgezet. Het is zeer onaangenaam omdat je niet weet wie erachter zit en je er rekening mee moet houden dat het niet bij dreigementen blijft.” En: “Wie in Hongarije lid wil worden van Amnesty, zal dus moeten aanvaarden dat zijn huis overhoop kan worden gehaald door de geheime dienst. Dat gebeurde zelfs onder het communisme niet.”

Intussen blijft het onbegrijpelijk stil in Europa. Alleen Duitsland wijdde een tweet aan de dreigende NGO-wetgeving. Lidstaten lijken toe te kijken hoe Hongarije steeds verder afglijdt naar een autoritair regime en daarmee de gedeelde waarden en geloofwaardigheid van de EU ondergraaft. Er lopen weliswaar meerdere inbreukprocedures van de Europese Commissie tegen Hongarije, en Europarlementariër Sargentini bracht onlangs als Hongarije-rapporteur advies uit om een artikel 7-procedure 2 tegen het land te starten (waarmee het land zijn stemrecht zou kunnen verliezen), maar Orbán trekt zich van dit alles weinig aan. Hij weet zich, anders dan Polen, redelijk gesteund door zijn lidmaatschap van de Europese Volkspartij. Critici beweren dat de Commissie zonder die steun al lang een artikel 7-procedure gestart zou hebben. Het CDA bevindt zich als medelid van de EVP in de positie dat het druk kan uitoefenen op Orbán, maar ook deze partij heeft van steun aan het maatschappelijk middenveld in Hongarije nog nauwelijks blijk gegeven.

Aangezien een goed functionerend mechanisme om de naleving van mensenrechten in de EU af te dwingen nog steeds ontbreekt, komt het aan op een duidelijk politieke geluid, maar tot dusver steekt geen enkele EU-lidstaat echt zijn nek uit. Ik wil graag geloven dat er achter de schermen veel stille diplomatie plaatsvindt, maar bij een uitblijvend resultaat is alleen die benadering onvoldoende. Het wordt de hoogste tijd dat Nederland en andere EU-lidstaten laten zien waar Europa voor staat. Er staat te veel op het spel om te blijven zwijgen.

Auteurs

Nicole Sprokel
Senior Political Affairs Officer at Amnesty International