Terug naar archief
De wereld door de ogen van ons team van spectators

Klimaatconferentie Parijs: nog een tussenstop

01 Dec 2015 - 13:44
Zes jaar geleden was het duidelijk. De klimaatconferentie in Kopenhagen moest de wereld redden. De druk werd behoorlijk opgevoerd; volgens velen was het immers ook de láátste kans om de wereld van de ondergang te behoeden. Die druk is er nu niet meer in Parijs, want de verwachtingen zijn veel minder hoog gespannen.
 
Gelukkig maar. Dat betekent dat de teleurstelling als dit toch niet het finale klimaatakkoord gaat worden dat definitief klimaatverandering gaat tegenhouden, ook minder groot is. Want het akkoord van Parijs, als dat er komt, gaat zeker niet aan die verwachting voldoen. Misschien komt er een akkoord met een wettelijke status, maar dat gaat zeker niet emissiereducties van landen verplicht opleggen. En de emissiereducties die landen zelf hebben aangegeven te willen bereiken, zijn volstrekt onvoldoende om het twee-gradendoel te halen.
 
Positieve ontwikkelingen
Toch is er ook veel bereikt sinds Kopenhagen. De wat realistischere inschatting over wat haalbaar is en wat niet, is op zichzelf al een positieve ontwikkeling. Europa verwacht niet langer de wereld te kunnen meetrekken in emissiereducties door zichzelf heel ambitieus op te stellen. En NGO’s overschreeuwen elkaar niet langer in overtrokken ambities.
 
Grote winst is ook dat er geen onderscheid meer bestaat tussen ontwikkelingslanden en industrielanden in reductiedoelstellingen. Ieder land dat wil, kan zelf aangeven emissies te willen reduceren. En de meeste landen doen dat. Niet in de laatste plaats China, het land dat sinds een aantal jaren al de grootste uitstoter van broeikasgassen ter wereld is. Een akkoord met rivaal Verenigde Staten vorig jaar maakte de weg vrij om ook in China emissies te verminderen. Dat akkoord zorgde tegelijk voor rugdekking voor president Barack Obama om ook aan de eigen emissies in de Verenigde Staten te werken.
 
Ook niet slecht is dat er eindelijk werk wordt gemaakt van klimaatfinanciering. Vanaf 2020 moet per jaar 100 miljard dollar aan klimaatprojecten worden besteed. Dat geld moet opgebracht worden door industrielanden, maar vooral ook door private partijen. De manier van financiering is op dit moment nog méér dan rommelig. Bij gebrek aan een algemeen geaccepteerde boekhoudmethode probeert ieder land zichzelf rijk te rekenen door allerlei administratieve trucs toe te passen. Daarnaast is de private financiering nog volstrekt onoverzichtelijk en schiet deze zeker tekort. Maar er wordt tenminste aan gewerkt.
 
"Vanaf 2020 moet per jaar 100 miljard dollar aan klimaatprojecten worden besteed"
 
En zeker positief is wat er om de klimaatconferenties heen gebeurt. Sinds Kopenhagen is er in veel landen een actieve beweging ontstaan die het heft in eigen hand wil nemen. Steden, bedrijven, burgers hebben zich verenigd in landen overstijgende verbanden en zijn zelf begonnen met klimaatafspraken en -maatregelen. Hoe zich dat verhoudt tot de mondiale afspraken, is niet helemaal duidelijk. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) schat dat de afspraken buiten de nationale afspraken om tenminste voor twee derde overlappen met de nationale afspraken. Maar er is tenminste momentum en mensen nemen zelf het initiatief om iets te doen.
 
We zijn nog lang niet bij het twee-gradendoel. Maar de klimaatconferentie in Parijs moet op de juiste waarde worden geschat: het is een tussenstap, maar zeker geen onbelangrijke. Nu maar hopen dat terroristen in Parijs niet de organisatie van de top zelf onmogelijk maken.
 
 
Tweets van de Klimaatconferentie:
 

 

Auteurs

Stephan Slingerland
Senior Visiting Fellow bij het Clingendael Instituut